publieke omroep

Nederlands omroepstelsel, waarbij verenigingen met leden de uitzendingen verzorgen. Uniek in de wereld. Aanvankelijk waren het vijf op levensbeschouwing gebaseerde verenigingen met leden die contributie betaalden: AVRO, KRO, NCRV, VARA en VPRO. In 1968 kwam de EO daarbij, geen vereniging, maar een stichting met donaties. Toen de bijdragen van leden niet meer voldoende waren werden ze aangevuld met geld van de wettelijk verplichte omroepbijdrage en sinds 1967 met reclame inkomsten uit de STER. In datzelfde jaar ontstond het zogeheten ‘open bestel' waardoor het mogelijk werd een omroepvereniging op te richten zonder levensbeschouwelijke basis. De TROS was de eerste, daarna BNN en als laatste omroep MAX voor vijftigplussers. Het aantal leden bepaalt de hoeveelheid zendtijd. Men moet voldoen aan de eis van een ‘totaalprogramma', waarin zowel actualiteiten als amusement, cultuur enzovoort een plaats krijgen.
Vanwege de in 2011 opgelegde bezuinigingen op de Publieke Omroep besloten AVRO en TROS samen te gaan, VARA en BNN, KRO en NCRV. Alleen EO, VPRO en omroep MAX blijven zelfstandig.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke kunstenaar behoorde niet tot de Cobragroep?


JUIST!NIET JUIST!

Kees van Dongen

tapijt van Bayeux

In de tweede helft van de elfde eeuw (na de slag bij Hastings,1066) geborduurd wandkleed (ten onrechte tapijt genoemd) van 70 meter lang en 50 cm hoog. Het beeldt de voorbereiding uit voor de overtocht naar en de verovering van Engeland door hertog Willem van Normandië. Op het wandkleed zien we hoe de Engelse graaf Harold een eed van trouw zweert aan hertog Willem, die echter zelf zijn zinnen op Engeland gezet had.
Harold liet zich niettemin tot koning kronen. Dus verbrak hij zijn eed. Overduidelijk wordt op het kleed getoond hoe deze eedbreuk door God gestraft wordt: Harold wordt bij Hastings door Willem verslagen en sneuvelt.
Over het ontstaan van het kleed is weinig bekend, vroeger dacht men dat Willems echtgenote, Mathilda, de opdrachtgeefster was; tegenwoordig ziet men Odo, bisschop van Bayeux en halfbroer van hertog Willem, als de degene die het initiatief nam, overigens zonder harde bewijzen. Het borduurwerk is zeer levendig en geeft bovendien allerlei interessante details over het leven van de elfde- eeuwse krijgers (ridders). (PL)