perinatale sterfte

Sterfte van kinderen vlak voor of na de geboorte. De wereldgezondheidsorganisatie (WHO) gebruikt de term als een embryo vanaf 22 weken zwangerschap komt te overlijden, of als een baby in de eerste zeven dagen na de geboorte overlijdt. In afwijking hiervan gaat de wet in Nederland uit van sterfte vanaf 24 weken. Deze wettelijke definitie is van belang omdat in Nederland ieder geboren kind vanaf 24 weken zwangerschapsduur moet worden aangegeven. Sterfte voor de geboorte heet doodgeboorte. De perinatale sterfte is ongeveer 1 per 1000; daarvan is 70 procent doodgeboorte. De belangrijkste directe oorzaken van perinatale sterfte zijn: (veel) te vroeg geboren zijn, aangeboren afwijkingen, (veel) te licht geboren zijn, en ernstig zuurstofgebrek kort voor of tijdens de bevalling. In de afgelopen decennia is de perinatale sterfte in westerse landen sterk gedaald. Nederland heeft historisch gezien altijd bij de landen met de laagste perinatale en zuigelingensterfte ter wereld gehoord. Deze daling is sinds de jaren tachtig echter afgevlakt, waardoor ons land vele plaatsen is gezakt op de internationale ranglijst van landen met gunstige sterftecijfers. Deze daling is niet alleen het gevolg van een ‘remmende voorsprong’, maar hangt ook er ook mee samen dat men hier terughoudend is ten aanzien van prenatale diagnostiek, waarmee al in een vroeg stadium ernstige afwijkingen kunnen worden geconstateerd, die eventueel zouden kunnen leiden tot afbreking van de zwangerschap.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Geen slapende ... wakker maken. Welk dier moet je niet wakker maken?


JUIST!NIET JUIST!

hond

brandstofcel

Apparaat dat uit brandstof (bijvoorbeeld waterstof) rechtstreeks elektriciteit produceert. Dit proces is te beschouwen als het omgekeerde van elektrolyse, waarbij water wordt ontleed in waterstof en zuurstof. De geproduceerde elektriciteit kan dan bijvoorbeeld worden gebruikt om een elektrische auto aan te drijven. Het grote voordeel van een brandstofcel is dat het rendement ervan (40-60%) aanzienlijk hoger ligt dan dat van de traditionele verbrandingsmotor, die een rendement van maximaal 25% (benzinemotor) tot 30% (dieselmotor) haalt. Een brandstofcel vraagt wel katalysatoren, bijvoorbeeld platina, waardoor ontwikkeling en grootschalige inzet vooralsnog moeizaam verlopen.