leven
Levende organismen zijn onder meer gekenmerkt door stofwisseling, vermogen tot zelfvermeerdering, waarneming en reactie op veranderingen in de omgeving. De grens tussen levend en niet levend (bijvoorbeeld een virus) is onscherp. Dode materie is levend geweest, levensloze materie (zoals gesteente) niet.
Welke klier in het menselijk lichaam maakt insuline aan?
adaptatie
Adaptatie is de wijze waarop een levend organisme zich aanpast aan een wijziging van zijn leefomstandigheden. Dat kan gaan om een tijdelijke verandering bij een kortdurende wijziging, zoals vogels die bij felle kou hun verenpak opzetten. De leefomgeving kan ook blijvend veranderen, waardoor sommige organismen bepaalde blijvende eigenschappen ontwikkelen. Deze veranderingen worden erfelijk vastgelegd en aan het nageslacht doorgeven. Zo merkte Darwin op dat de door hem bestudeerde vinken verschillende snavels ontwikkelden al naargelang de omgeving waarin zij leefden.
