Verdrag van Maastricht

Dit verdrag betreffende de Europese Unie werd op 7 februari 1992 getekend. Het beoogt de oprichting van een Economische en Monetaire Unie (EMU), die uiteindelijk een gemeenschappelijke munt inhoudt. Verder heeft het Verdrag als doel bevestiging van de identiteit van de EU op het internationale vlak vooral door de vorming van een Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid (GBVB), met inbegrip van een gemeenschappelijk defensiebeleid, dat te zijner tijd tot een gemeenschappelijke defensie zou kunnen leiden.
Daarnaast wordt de instelling van een burgerschap van de EU beoogd en de ontwikkeling van een nauwe samenwerking op het gebied van Justitie en Binnenlandse Zaken (JBZ), bijvoorbeeld met het oog op een gemeenschappelijk beleid ten aanzien van immigratie, asielrecht, de bestrijding van de grensoverschrijdende criminaliteit, terrorisme, de handel in drugs, financiële en computerfraude.
Ten slotte is het doel een verdere stroomlijning van het 'acquis communautaire' (het geheel van Europese wet- en regelgeving en andersoortige gemeenschappelijke beleidslijnen).

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie schreef het onlangs opnieuw verfilmde 'Little women'?


JUIST!NIET JUIST!

Louisa May Alcott

Renaissance

Europese cultuurperiode van ongeveer 1450 tot ongeveer 1600 die zich onderscheidde van de Middeleeuwen door een meer op de mens en wereld gerichte levenshouding en een onbegrensd vertrouwen in het menselijke kunnen ('virtù'). Ook tijdgenoten waren zich ervan bewust dat hun tijd verschilde van de door hen als barbaars bestempelde Middeleeuwen. Zij lieten zich inspireren door de klassieke cultuur, die zij mateloos bewonderden. De Renaissance begon in Italië en zou omstreeks 1500 in de rest van Europa doordringen.
Zie ook Renaissance en humanisme.

De 10 meest gezochte woorden en begrippen van de afgelopen week

  1. Orestes
  2. mektab
  3. Leonardo da Vinci
  4. Charlie Chaplin
  5. Carnaval
  6. pars pro toto
  7. Athene
  8. blauwkous
  9. zwaard van Damocles
  10. Muzen