informele kunst

Term in 1950 geformuleerd door de Franse kunstcriticus Michel Tapié om de vrije spontane veelal abstracte schilderkunst aan te duiden die zich op dat moment in Parijs en elders in Europa, maar ook in Amerika ontwikkelde, en die in de jaren vijftig een hoogtepunt beleefde. Zijn doel was deze kunstvorm te onderscheiden van de in die tijd in Parijs dominerende geometrische abstractie. Internationaal bleef de term vooral voor de Europese tak (waar ook Cobra onder valt) bestaan. Een onderdeel van informele kunst is de zogenaamde materieschilderkunst, waarbij kunstenaars de verf zeer dik opbrengen of deze zelfs mengen met andere materialen als zand en gips.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke Nederlandse fotograaf maakt zwart-wit portretten van en videoclips voor popsterren?


JUIST!NIET JUIST!

Anton Corbijn

socialisatie

Proces waarmee een persoon zich de gedragingen eigen maakt die in een bepaalde gemeenschap passend worden gevonden voor iemand van zijn of haar leeftijd, sekse en maatschappelijke positie. Dit is inclusief de internalisatie van de waarden van die gemeenschap. Gesocialiseerd raken is het resultaat van opvoedings‑ en identificatieprocessen.