ontginningen in de 11e en 12 eeuw

Vanaf ongeveer het jaar 1000 begonnen mensen met ontginningen. In Zuid-Holland bijvoorbeeld waren er moerassige veengebieden die werden ontgonnen. Dat wil zeggen dat deze gebieden geschikt gemaakt werden voor landbouw. Daardoor werd het landbouwgebied vele malen groter. Om dit te beschermen werden er dijken aangelegd, onder het motto: 'wie water deert, die water keert'. en voor de afwatering werden sluizen gebouwd. Zo ontstonden talloze polders. In dezelfde tijd begon men ook in Noord-Brabant met grootschalige ontginningen van bossen, venen en heidegronden. Dat leidde in beide provincies tot opbloei van agrarische activiteit en bevolkingsgroei.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke componist schreef het muziekstuk Le Carnaval des Animaux?


JUIST!NIET JUIST!

Camille Saint-Saëns

retoriek

Oorspronkelijk bij de oude Grieken de leer der welsprekendheid. De tegenwoordige betekenis is minder gunstig: bombastisch en gezwollen taalgebruik. Een retorische vraag is een schijnvraag, omdat de vragensteller niet werkelijk een antwoord verwacht (bijvoorbeeld: 'wou je soms zeggen dat het allemaal wel meevalt?').