ontginningen in de 11e en 12 eeuw

Vanaf ongeveer het jaar 1000 begonnen mensen met ontginningen. In Zuid-Holland bijvoorbeeld waren er moerassige veengebieden die werden ontgonnen. Dat wil zeggen dat deze gebieden geschikt gemaakt werden voor landbouw. Daardoor werd het landbouwgebied vele malen groter. Om dit te beschermen werden er dijken aangelegd, onder het motto: 'wie water deert, die water keert'. en voor de afwatering werden sluizen gebouwd. Zo ontstonden talloze polders. In dezelfde tijd begon men ook in Noord-Brabant met grootschalige ontginningen van bossen, venen en heidegronden. Dat leidde in beide provincies tot opbloei van agrarische activiteit en bevolkingsgroei.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke kunstenaar behoorde niet tot de Cobragroep?


JUIST!NIET JUIST!

Kees van Dongen

tapijt van Bayeux

In de tweede helft van de elfde eeuw (na de slag bij Hastings,1066) geborduurd wandkleed (ten onrechte tapijt genoemd) van 70 meter lang en 50 cm hoog. Het beeldt de voorbereiding uit voor de overtocht naar en de verovering van Engeland door hertog Willem van Normandië. Op het wandkleed zien we hoe de Engelse graaf Harold een eed van trouw zweert aan hertog Willem, die echter zelf zijn zinnen op Engeland gezet had.
Harold liet zich niettemin tot koning kronen. Dus verbrak hij zijn eed. Overduidelijk wordt op het kleed getoond hoe deze eedbreuk door God gestraft wordt: Harold wordt bij Hastings door Willem verslagen en sneuvelt.
Over het ontstaan van het kleed is weinig bekend, vroeger dacht men dat Willems echtgenote, Mathilda, de opdrachtgeefster was; tegenwoordig ziet men Odo, bisschop van Bayeux en halfbroer van hertog Willem, als de degene die het initiatief nam, overigens zonder harde bewijzen. Het borduurwerk is zeer levendig en geeft bovendien allerlei interessante details over het leven van de elfde- eeuwse krijgers (ridders). (PL)