IRT-affaire

Betrof het Interregionaal Rechercheteam. In 1994 werd een parlementaire enquête gehouden naar de opsporingsmethoden van dit team bij de bestrijding van georganiseerde criminaliteit. Aanleiding was een verklaring uit 1993 van de Amsterdamse burgemeester Van Thijn, hoofdcommissaris van politie Nordholt en hoofdofficier van justitie Vrakking, waarin zij hun medewerking aan het IRT opzeiden. Openlijk distantieerden zij zich van de IRT-methode, waarbij infiltranten zelf drugs importeerden in de hoop grote bendes op te sporen. Door deze dubieuze methode was het bewijsmateriaal onbruikbaar in de rechtszaal.
De in gestelde onderzoekscommissie-Wieringa concludeerde echter dat het IRT een succesvol en goedlopend team was geweest, dat onnodig was opgeheven. Dat kostte de verantwoordelijke ministers Hirsch Ballin (Justitie) en Van Thijn (Binnenlandse Zaken) de kop. Hierna besloot de Tweede Kamer tot een parlementaire enquête. In het eindrapport van enquêtevoorzitter Van Traa concludeerde men dat voortaan alleen wettelijk getoetste opsporingsmethoden gebruikt mogen worden.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie schreef in 1654 het treurspel Lucifer?


JUIST!NIET JUIST!

Vondel

Geografie en demografie > bewerking en bebouwing

Vinex-wijk

Vinex-wijk is een afkorting van de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra, een nota ruimtelijke ordening over grootschalige nieuwbouwprojecten van het Nederlandse ministerie van VROM uit 1991. De bedoeling was wijken te bouwen, weliswaar in de buurt van steden, maar met een eigen combinatie van wonen, werken, winkels enzovoort. Geleidelijk heeft Vinex-wijk een andere betekenis gekregen dan wat er oorspronkelijk in de nota stond. Tegenwoordig wordt het geassocieerd met een nieuwbouwwijk aan de rand van een grote(re) stad en veelal met de bijbetekenis van een saaie woonwijk waarin alle straten en huizen op elkaar lijken en men voor werk en voorzieningen naar de stad trekt.