Bouwvakkersoproer

Het bouwvakkersoproer was een bij de uitbetaling op 13 juni 1966 van vakantiebonnen aan Amsterdamse bouwvakarbeiders ontstaan handgemeen, waarbij de metselaar Jan Weggelaar ten gevolge van een hartaanval in elkaar zakte en stierf. Het bericht hierover in De Telegraaf werd niet geloofd door de arbeiders die meenden dat de man was omgekomen door politiegeweld. Bij de kantoren van het dagblad aan de Nieuwe Zijds Voorburgwal ontstonden vervolgens straatgevechten die zich over een groot deel van de binnenstad uitbreidden.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke veldheer trok met zijn leger en olifanten over de Alpen naar Italië?


JUIST!NIET JUIST!

Hannibal

opzet

Heeft betrekking op de wil van iemand die een handeling verricht. Een opzettelijke daad wordt met de wil op, of in ieder geval de acceptatie van, een bepaalde uitkomst verricht. Je weet wat je doet en wat de gevolgen kunnen zijn. Er wordt dan ook wel gesproken van \'willens en wetens\'. Doelbewuste opzet op het doden van iemand door een pistoolschot is willen dat die persoon overlijdt als gevolg van het pistoolschot. Voorwaardelijke opzet is als je er rekening mee houdt dat je gedrag een bepaald gevolg kan hebben en er toch mee doorgaat. Iemand schiet met een pistool, wetend dat hij een ander zou kunnen raken. Als dat gebeurt is sprake van voorwaardelijke opzet. Het tegenovergestelde van opzettelijk is per ongeluk. In het strafrecht is opzet nodig om te kunnen spreken van een ernstig misdrijf.