Stadhouder Willem IV

(1711-1751) Zoon van de Friese stadhouder Johan Willem Friso. Werd wel stadhouder in Friesland, Groningen, Drenthehen Gelre, maar niet in de overige vier gewesten. Toen echter tijdens de Oostenrijkse Successieoorlog Franse troepen in 1747 de Republiek binnentrokken, bracht een Oranje-omwenteling hem niet alleen het stadhouderschap over álle gewesten, maar meteen ook de erfelijkheid in de mannelijke èn vrouwelijke lijn.
Na felle oproerigheid in 1748 voerde hij in een aantal gewesten regeringsreglementen in, die zijn macht sterk vergrootten. Hij wendde die macht echter niet aan om hervormingen door te voeren, waardoor zijn populariteit snel terugliep.
Hij was getrouwd met de dochter van de Engelse koning George II, Anna van Hannover, die na zijn dood als gouvernante het bewind voerde voor hun minderjarige zoon.

Willem en Anna

Stadhouder 4

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie regisseerde(n) de film Pulp Fiction (1994)?


JUIST!NIET JUIST!

Quentin Tarantino

tapijt van Bayeux

In de tweede helft van de elfde eeuw (na de slag bij Hastings,1066) geborduurd wandkleed (ten onrechte tapijt genoemd) van 70 meter lang en 50 cm hoog. Het beeldt de voorbereiding uit voor de overtocht naar en de verovering van Engeland door hertog Willem van Normandië. Op het wandkleed zien we hoe de Engelse graaf Harold een eed van trouw zweert aan hertog Willem, die echter zelf zijn zinnen op Engeland gezet had.
Harold liet zich niettemin tot koning kronen. Dus verbrak hij zijn eed. Overduidelijk wordt op het kleed getoond hoe deze eedbreuk door God gestraft wordt: Harold wordt bij Hastings door Willem verslagen en sneuvelt.
Over het ontstaan van het kleed is weinig bekend, vroeger dacht men dat Willems echtgenote, Mathilda, de opdrachtgeefster was; tegenwoordig ziet men Odo, bisschop van Bayeux en halfbroer van hertog Willem, als de degene die het initiatief nam, overigens zonder harde bewijzen. Het borduurwerk is zeer levendig en geeft bovendien allerlei interessante details over het leven van de elfde- eeuwse krijgers (ridders). (PL)