Peter Sloterdijk

(1949) Duits filosoof en essayist. Geldt sinds de jaren negentig als Duitslands meest originele filosoof. Geïnspireerd door Nietzsche, Heidegger en Foucault, probeert hij de ingeslapen, zelfgenoegzame maatschappijkritische filosofie van de tweede generatie Frankfurter Schule, met als boegbeeld Jürgen Habermas, wakker te schudden. Hij schuwt de directe confrontatie met zijn politiek correcte, links-liberale tegenstanders niet, integendeel, hij lokt haar uit.
In 1999 veroorzaakte hij een nationale rel door zich af te vragen of de ontwikkelingen in de gentechnologie misschien de mogelijkheid openen voor het creëren van een moreel betere mens. Daarop openden Habermas en consorten een frontale aanval en betichtten hun kwelgeest van opvattingen die associaties oproepen met de nazi-ideologie. Een nietsontziende polemiek was het gevolg met, naar het zich laat aanzien, Sloterdijk als duidelijke winnaar. In zijn filosofische hoofdwerk Sferen i-iii, door Sloterdijk zelf een 'filosofische roman' genoemd, schetst hij in zijn barokke stijl een nieuwe geschiedenis van de mensheid, waarin de vraag centraal staat hoe de mens in zijn ruimte staat en hoe hij die ruimte in relatie tot andere mensen creëert.
Zijn in 1986 verschenen boek over Nietzsche gaf Sloterdijk de titel mee Der Denker auf der Bühne - inmiddels heeft hij die titel voor zichzelf waargemaakt: hij staat in het internationale theater van de filosofie volop in de schijnwerpers.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke klier in het menselijk lichaam maakt insuline aan?


JUIST!NIET JUIST!

alvleesklier

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

adaptatie

Adaptatie is de wijze waarop een levend organisme zich aanpast aan een wijziging van zijn leefomstandigheden. Dat kan gaan om een tijdelijke verandering bij een kortdurende wijziging, zoals vogels die bij felle kou hun verenpak opzetten. De leefomgeving kan ook blijvend veranderen, waardoor sommige organismen bepaalde blijvende eigenschappen ontwikkelen. Deze veranderingen worden erfelijk vastgelegd en aan het nageslacht doorgeven. Zo merkte Darwin op dat de door hem bestudeerde vinken verschillende snavels ontwikkelden al naargelang de omgeving waarin zij leefden.