Fichte

Johan Gottlieb (1762-1814) Duitse filosoof, een van de grote vertegenwoordigers van het Duitse idealisme, de filosofische stroming die volgde op Kant. Uitgangspunt van de filosofie moet het denkend subject zijn, niet de wereld om ons heen. Door te denken bevestigt het subject zijn eigen realiteit: het Ik 'poneert' zichzelf. Nu ervaart het Ik ook dingen in zichzelf die niet tot zijn Ik te herleiden zijn; die poneert het als niet-Ik. Het Ik poneert dus tegelijkertijd het Ik en het niet-Ik. De idealistische overtuiging dat het besef van een buitenwereld niets anders is dan het product van ons voorstellingsvermogen, garandeert ook het besef van onze vrijheid. Het niet-Ik, de wereld, is dus niets anders dan het materiaal van onze activiteit, en in dat materiaal moeten we ook ons zedelijk leven realiseren.
Fichtes filosofie was van grote invloed op die van Hegel. Ook de Duitse romantische school in de literatuur (Novalis, Schlegel) heeft voor haar levensgevoel veel ontleend aan Fichte.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?


JUIST!NIET JUIST!

Aletta Jacobs

egocentrisme en egoïsme

Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.