Blaise Pascal

(1623-1662) Franse theoloog, filosoof en wiskundige. Pleitte voor een verdieping van het geloof, voor een geloof van het hart ('het hart heeft zijn redenen waarvan het verstand niets weet'). God mag niet het object worden van filosofische haarkloverij: zijn God is de 'God van Abraham, Izaäk en Jakob, niet de god van de filosofen'. God is te groot dan dat hij door het denken kan worden benaderd; het oneindige kan niet door het eindige worden bevat.
Pascal verwierp dan ook alle traditionele godsbewijzen en stelde er een pragmatische redenering voor in de plaats, waarmee hij wilde aantonen dat het een rationele keuze is om in God te geloven: als God bestaat, heeft de gelovige het vooruitzicht op een oneindig leven van geluk; als God daarentegen niet blijkt te bestaan is er niets van waarde verloren. Met andere woorden, je kunt maar het beste geloven in het bestaan van God: je kunt er alleen maar mee winnen en niets verliezen. Wat zijn filosofische opvattingen betreft was Pascal een navolger van Descartes.

Zie ook Blaise Pascal in het hoofdstuk Wiskunde.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie schreef de opera Le nozze di Figaro?


JUIST!NIET JUIST!

Mozart

pidgin

\'Werktaal\' tussen mensen die geen gemeenschappelijke taal hebben, maar toch moeten samenwerken of handeldrijven. Basis is een samenraapsel van uitdrukkingen, constructies en woorden uit de moedertalen van de deelnemers. Pidgins hebben een beperkt vocabulaire, een beperkte grammatica, en dus beperkte mogelijkheden. Ze kunnen zeer lang bestaan als \'markttaal\', die door niemand thuis gebezigd wordt, zoals het Sabir, dat vanaf de Middeleeuwen tot in de twintigste eeuw langs de kusten van de Middellandse Zee in gebruik was. Wordt een pidgin eenmaal de moedertaal van een nieuwe generatie, dan spreken we van een creooltaal.
Zie ook
creolistiek.