Organische architectuur

De organische architectuur ontleent haar inspiratie aan de wetmatigheden van de levende natuur. Men ontwerpt vanuit de overtuiging dat de gebouwde omgeving van invloed is op het uiterlijk en innerlijk leven van mensen. Organische architectuur kenmerkt zich door een vrije, expressieve en natuurlijke vormgeving, terwijl tegelijk vaak wordt gezocht naar een samengaan met de nieuwste bouwtechnische mogelijkheden.
Tot de vroegste pleitbezorgers worden de Amerikanen Sullivan en Wright gerekend, evenals de Catalaanse architect Gaudí en de stichter van de antroposofie, Rudolf Steiner (1861-1925). Laatstgenoemde ontwierp in 1913 en 1923 het 1ste en het 2de Goetheanum te Dornach onder Basel.
Veel gebouwen behorend tot de antroposofische verenigingen in Europa vertonen stijlkenmerken ontleend aan Steiners ontwerpen.
De architecten Ton Alberts en Max van Huut baseerden zich met hun kantoren voor de ING Bank te Amsterdam Zuidoost (1979-1987) en Gasunie te Groningen (1988-1994) op de antroposofie en de organische architectuur.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Geen slapende ... wakker maken. Welk dier moet je niet wakker maken?


JUIST!NIET JUIST!

hond

brandstofcel

Apparaat dat uit brandstof (bijvoorbeeld waterstof) rechtstreeks elektriciteit produceert. Dit proces is te beschouwen als het omgekeerde van elektrolyse, waarbij water wordt ontleed in waterstof en zuurstof. De geproduceerde elektriciteit kan dan bijvoorbeeld worden gebruikt om een elektrische auto aan te drijven. Het grote voordeel van een brandstofcel is dat het rendement ervan (40-60%) aanzienlijk hoger ligt dan dat van de traditionele verbrandingsmotor, die een rendement van maximaal 25% (benzinemotor) tot 30% (dieselmotor) haalt. Een brandstofcel vraagt wel katalysatoren, bijvoorbeeld platina, waardoor ontwikkeling en grootschalige inzet vooralsnog moeizaam verlopen.