geologische geschiedenis van de aarde

De aarde werd evenals de rest van het zonnestelsel gevormd uit een schijf van stof rond de jonge zon. In het begin was de aarde zeer heet, misschien vloeibaar, maar hij koelde snel af. De dampkring ontstond en oceanen werden gevormd. Leven in de vorm van eencelligen was er al toen de aarde 3,5 miljard jaar oud was. Van dieren met harde skeletten en schelpen zijn fossiele overblijfselen gevonden vanaf ongeveer 570 miljoen jaar geleden.
De geologische tijd wordt ingedeeld in grote hoofdtijdperken, die weer onderverdeeld worden in perioden en vervolgens in series. Klimaat, gebergtevorming en de evolutie van het leven worden in een geologische tabel weergegeven en worden gebruikt als indicatie voor een volgend tijdperk.
De hoofdtijdperken zijn het Azoïcum (tijdperk zonder leven), het Paleozoïcum (tijdperk van het 'oude' leven), van 570 tot 225 miljoen jaar geleden, het Mesozoïcum (de middentijd), van 225 tot 65 miljoen jaar geleden en het Kenozoïcum, (tijd van het 'nieuwe' leven) van 65 miljoen jaar geleden tot nu.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wat is in de klassieke muziek de aanduiding voor een langzaam tempo?


JUIST!NIET JUIST!

adagio

Aarde, weer en klimaat > weer, klimaat en atmosfeer

klimaatverandering

Het klimaat verandert voortdurend in de loop van de geologische geschiedenis. Gedurende lange perioden in de afgelopen honderden miljoenen jaren is de aarde ijsvrij geweest, afgewisseld door perioden met veel ijs. Gedurende de laatste 10.000 jaar leven we in een betrekkelijk warme periode. Naar het oordeel van de meeste klimatologen verandert het wereldwijde klimaat nu ook door menselijk toedoen.De temperatuurtoename gedurende de afgelopen 50 jaar kan waarschijnlijk grotendeels aan de invloed van de mens worden toegeschreven. Door het broeikaseffect zou het klimaat in de loop van deze eeuw nog aanzienlijk warmer kunnen worden. Over de grootte en de regionale verdeling van deze klimaatverandering bestaat nog aanzienlijke onzekerheid, zowel door onvoldoende kennis van het klimaatsysteem als door onzekerheid over de toekomstige uitstoot van broeikasgassen. Ondanks deze onzekerheid heeft een groot aantal landen, op grond van het zogeheten Voorzorgsbeginsel, afspraken gemaakt om de uitstoot van broeikasgassen te beperken.
Zie ook Klimaatverdrag, Kyoto Protocol en ijstijden.
Zie ook Klimaatconferentie Kopenhagen 2009 en Klimaatakkoord van Parijs 2015.