autoritaire persoonlijkheid

Geheel van persoonlijkheidskenmerken dat leidt tot conformisme en tot intolerantie ten opzichte van afwijkende meningen, kledij, gewoonten enzovoort. In extreme vorm kunnen ze de basis vormen van uitingen van vreemdenangst of xenofobie. De autoritaire persoonlijkheid hecht sterk aan gezag en orde. In 1944 in de Verenigde Staten voor het eerst bestudeerd door Theodor Adorno en anderen in een poging meer te begrijpen van de Duitse aanhang van Adolf Hitler en van de mentaliteit die kon leiden tot de deportatie van en moord op de joden.
Zie ook etnocentrisme.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie schreef de toneelstukken 'Oom Vanja' en 'Drie zusters'?


JUIST!NIET JUIST!

Anton Tsjechov

sociale zekerheid

Stelsel dat vooral na de Tweede Wereldoorlog is opgebouwd en dat als hoeksteen van de verzorgingsstaat wordt beschouwd. De sociale zekerheid wordt wel in vier onderdelen verdeeld: sociale verzekeringen, sociale voorzieningen, de vergelijkbare regelingen voor ambtenaren en pensioenregelingen. Sociale‑zekerheidsuitgaven vormen een zo groot bestanddeel van de publieke uitgaven dat ze een belangrijke rol spelen bij de vaststelling van de rijksbegroting.