klokken luiden

Oorspronkelijk om boze geesten te verjagen. Zo werden vroeger de kerkklokken geluid na de aangifte van een sterfgeval bij de burgerlijke stand, om te voorkomen dat de duivel vat kreeg op de ziel van de overledene. Bij het echte luiden zwaait de klok zo heen en weer dat de klepel beide kanten van de klok raakt. Het is een vrolijk geluid om mensen naar een kerkdienst te lokken, maar is ook te horen bij trouwerijen en op feestdagen zoals Kerstmis, Pasen en Koninginnedag. Daarnaast is er het kleppen, waarbij de klepel tijdens het zwaaien van de klok maar één kant raakt. Dat geeft een sober geluid en hoort vooral bij begrafenissen. Bij het beieren hangt de klok stil en zwaait alleen de klepel tot hij de klokkenwand raakt. Als in een toren een klokkenspel hangt van klokken van verschillende grootte – een zogeheten beiaard – kan een melodie worden gespeeld. De klokken zijn dan verbonden met een klavier of met een stelsel van houden stokken die door de beiaardier kunnen worden bespeeld. Bij het slaan van de klok om aan te geven hoe laat het is wordt aan de buitenkant tegen de klok aangeslagen met een hamer.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie regisseerde(n) de film Pulp Fiction (1994)?


JUIST!NIET JUIST!

Quentin Tarantino

tapijt van Bayeux

In de tweede helft van de elfde eeuw (na de slag bij Hastings,1066) geborduurd wandkleed (ten onrechte tapijt genoemd) van 70 meter lang en 50 cm hoog. Het beeldt de voorbereiding uit voor de overtocht naar en de verovering van Engeland door hertog Willem van Normandië. Op het wandkleed zien we hoe de Engelse graaf Harold een eed van trouw zweert aan hertog Willem, die echter zelf zijn zinnen op Engeland gezet had.
Harold liet zich niettemin tot koning kronen. Dus verbrak hij zijn eed. Overduidelijk wordt op het kleed getoond hoe deze eedbreuk door God gestraft wordt: Harold wordt bij Hastings door Willem verslagen en sneuvelt.
Over het ontstaan van het kleed is weinig bekend, vroeger dacht men dat Willems echtgenote, Mathilda, de opdrachtgeefster was; tegenwoordig ziet men Odo, bisschop van Bayeux en halfbroer van hertog Willem, als de degene die het initiatief nam, overigens zonder harde bewijzen. Het borduurwerk is zeer levendig en geeft bovendien allerlei interessante details over het leven van de elfde- eeuwse krijgers (ridders). (PL)