normaalverdeling

Alle menselijke verschijnselen komen bij individuen in bepaalde gradaties voor. Alle gradaties vormen, als ze worden gemeten, een verdeling. Als een grote groep wordt gemeten heeft die verdeling meestal een klokvorm, de Gausse kromme. De meeste individuen scoren rond het gemiddelde, de top van de klok. Naar de beide einden zitten degenen die lager tot heel laag of juist hoger tot heel hoog scoren.
Een belangrijke meeteenheid daarbij is de standaarddeviatie of standaardafwijking. De afstand van het gemiddelde tot de uiteinden van de klok wordt aan beide kanten verdeeld in iets meer dan drie stukken, die elk een standaardafwijking worden genoemd.
Ook persoonlijkheidseigenschappen en het IQ zijn in grote groepen, 'populaties', verdeeld volgens de klokvorm . Intelligentietests worden zo genormeerd dat in een populatie het gemiddeld IQ op 100 komt met standaardafwijking van 16 (of 15)punten. Bij IQ-tests dus drie stukken van 16 IQ-punten aan beide zijden van het midden. Wie 140 scoort, zoals bij hoogbegaafdheid, zit tussen 2 en 3 standaarddeviaties boven het gemiddelde. Wie 60 scoort tussen 2 en 3 standaarddeviaties daaronder.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste keizer van het Romeinse Rijk?


JUIST!NIET JUIST!

Augustus

ethiek

Zedenleer, moraalfilosofie. Het praktische deel van de filosofie dat zich bezighoudt met de bestudering van de zeden en probeert vast te stellen wat goed is en wat slecht. De ethiek kan beschrijvend zijn of normatief en in dat laatste geval stelt ze normen, voorschriften en wetten op. De normatieve ethiek probeert dus vragen te beantwoorden als: 'Wat is goed?' 'Hoe moeten we handelen?' 'Waarom moeten we zo handelen?'