normaalverdeling

Alle menselijke verschijnselen komen bij individuen in bepaalde gradaties voor. Alle gradaties vormen, als ze worden gemeten, een verdeling. Als een grote groep wordt gemeten heeft die verdeling meestal een klokvorm, de Gausse kromme. De meeste individuen scoren rond het gemiddelde, de top van de klok. Naar de beide einden zitten degenen die lager tot heel laag of juist hoger tot heel hoog scoren.
Een belangrijke meeteenheid daarbij is de standaarddeviatie of standaardafwijking. De afstand van het gemiddelde tot de uiteinden van de klok wordt aan beide kanten verdeeld in iets meer dan drie stukken, die elk een standaardafwijking worden genoemd.
Ook persoonlijkheidseigenschappen en het IQ zijn in grote groepen, 'populaties', verdeeld volgens de klokvorm . Intelligentietests worden zo genormeerd dat in een populatie het gemiddeld IQ op 100 komt met standaardafwijking van 16 (of 15)punten. Bij IQ-tests dus drie stukken van 16 IQ-punten aan beide zijden van het midden. Wie 140 scoort, zoals bij hoogbegaafdheid, zit tussen 2 en 3 standaarddeviaties boven het gemiddelde. Wie 60 scoort tussen 2 en 3 standaarddeviaties daaronder.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie is de schrijver van het boek 'Utopia'?


JUIST!NIET JUIST!

Thomas More

logica

De leer van het juiste redeneren, waarbij men onderzoekt onder welke omstandigheden redeneringen geldig zijn. De inhoud van de uitspraken waaruit die redeneringen zijn opgebouwd, speelt daarbij geen rol (formele logica). Aristoteles was de eerste filosoof die de logica systematiseerde, waarbij hij zich concentreerde op het syllogisme. De moderne logica is geen onderdeel meer van de filosofie, maar vormt een tak van de wiskunde en valt voor sommige logici zelfs samen met de wiskunde.