chromatografie

Verzamelnaam voor methoden voor het scheiden van de componenten van een mengsel die berusten op de verdeling van die componenten tussen twee fasen. Een van die fasen is stationair terwijl de andere beweegt. In gaschromatografie beweegt bijvoorbeeld het gas, dat de componenten transporteert, over een vaste of vloeibare stationaire fase die de componenten 'afremt' naarmate ze beter aan die stationaire fase adsorberen of erin oplossen. Veel andere chromatografische technieken worden gebruikt met andere combinaties van mobiele en stationaire fases.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Uitdrukkingen zoals 'met angst en beven' en 'nooit ofte nimmer' zijn voorbeelden van... ?


JUIST!NIET JUIST!

tautologie

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

virus

Een virus is de meest primitieve vorm van leven. Virussen bestaan uit een kern van DNA of RNA in een omhulsel van eiwitten en soms, afhankelijk van het type virus, nog een membraan bestaande uit vetten, eiwitten en/of koolhydraten. Voor vermenigvuldiging zijn virussen afhankelijk van gastheercellen, die ze infecteren. Virusinfectie gaat zowel bij planten als dieren vaak gepaard met ziekten. Virusinfecties kunnen niet worden bestreden met antibiotica, in sommige gevallen wel met interferon. Het aangetaste organisme moet zelf voldoende afweer opbouwen.