Alfred Brendel

(1931) Oostenrijkste pianist, één van de groten uit de twintigste eeuw. In tegenstelling tot veel andere beroemde pianisten was hij geen wonderkind, kwam hij niet uit een muzikale familie, was thuis zelfs weinig muziek te horen, kan hij slecht van blad lezen en heeft hij geen goed geheugen. Hij kreeg wel enige tijd les, maar dat hield op toen hij zestien was, hij moest zich verder zelf ontwikkelen. Hij ziet dat als een voordeel, Zoals hij eens zei: 'Een leraar kan ook te veel invloed hebben. Omdat ik veel zelf heb moeten leren, leerde ik ook een wantrouwen tegen alles wat ik niet zelf had ontdekt'. Zijn laatste concert gaf hij in 2008.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Uitdrukkingen zoals 'met angst en beven' en 'nooit ofte nimmer' zijn voorbeelden van... ?


JUIST!NIET JUIST!

tautologie

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

virus

Een virus is de meest primitieve vorm van leven. Virussen bestaan uit een kern van DNA of RNA in een omhulsel van eiwitten en soms, afhankelijk van het type virus, nog een membraan bestaande uit vetten, eiwitten en/of koolhydraten. Voor vermenigvuldiging zijn virussen afhankelijk van gastheercellen, die ze infecteren. Virusinfectie gaat zowel bij planten als dieren vaak gepaard met ziekten. Virusinfecties kunnen niet worden bestreden met antibiotica, in sommige gevallen wel met interferon. Het aangetaste organisme moet zelf voldoende afweer opbouwen.