communisme

Politiek stelsel dat in economisch opzicht wordt gekenmerkt door staatseigendom van de middelen van productie, vervoer en handel, en door de administratieve vaststelling van prijzen (dat wil zeggen: niet via markten). In politiek opzicht door de leidende rol van de communistische partij; en in sociaal opzicht door de overheersing van alle maatschappelijke organisaties door diezelfde partij. Aan het eind van de jaren tachtig werd het communisme in tal van Centraal-Europese landen afgeschaft. In plaats daarvan koos men voor een westelijk maatschappijmodel van democratie en markteconomie. In het begin van de jaren negentig volgde ook de bakermat van het communisme: Rusland. Na de mislukte couppoging tegen Gorbatsjov werd in augustus 1991 de Russische communistische partij opgeheven. Sindsdien zijn China, Noord-Korea en Cuba de laatste landen met een één-partij communistisch bestel, maar is in China het particulier eigendom van bedrijven en de vrije handel in aandelen op effectenbeurzen meer en meer toegestaan.
Zie ook
fascisme, liberalisme, marxisme, socialisme en totalitarisme.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie werd in het bijbelboek Genisis verkocht door zijn broers en kwam in Egypte terecht?


JUIST!NIET JUIST!

Jozef de aartsvader

temperamenten

Oorspronkelijk de naam voor vier persoonlijkheidstypen die al in de Oudheid onderscheiden werden: het sanguïnische, flegmatische, cholerische en melancholische temperament. Tegenwoordig de naam voor persoonlijkheidsverschillen die in de kinderjaren blijken en tot op zekere hoogte erfelijk zijn. Het gaat daarbij om zaken als de felheid waarmee op prikkels wordt gereageerd, het algemene energie‑ en activiteitsniveau en de mate van extraversie.