aap

Aap, wat heb je mooie jongen. Tegen zijn zin iemand vleien om hem gunstig te stemmen. Ontleend aan het dierenepos Reynaert waarin wordt verteld hoe Reynaert, uit angst, de schoonheid van de jongen van een afschuwelijk lelijke aap bezingt.

De aap komt uit de mouw. De verborgen gehouden bedoeling komt aan de dag. Vroeger bestond de zegswijze de aap in de mouw houden, waarbij men moet denken aan de toen gebruikelijke wijde mouwen, die als bergplaats dienden en waaruit wel eens wat onverwachts kon komen. Aap moet mogelijkerwijs niet letterlijk opgevat worden, maar figuurlijk, in de zin van 'schelm'.

In de aap gelogeerd. Slecht af zijn, opgelaten zijn. Over de oorsprong van deze uitdrukking is niets met zekerheid bekend. Misschien moet men hier denken aan een uithangbord met een afbeelding van een aap. Herbergen werden immers meestal genoemd naar de voorstelling op het uithangbord. De aap staat bekend als dier dat erop uit is iemand beet te nemen. De uitdrukking zou dan van toepassing zijn op herbergen waar men niet direct voor zijn genoegen was.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Uitdrukkingen zoals 'met angst en beven' en 'nooit ofte nimmer' zijn voorbeelden van... ?


JUIST!NIET JUIST!

tautologie

Levenswetenschappen > biologie (o.a anatomie en fysiologie) en scheikunde

virus

Een virus is de meest primitieve vorm van leven. Virussen bestaan uit een kern van DNA of RNA in een omhulsel van eiwitten en soms, afhankelijk van het type virus, nog een membraan bestaande uit vetten, eiwitten en/of koolhydraten. Voor vermenigvuldiging zijn virussen afhankelijk van gastheercellen, die ze infecteren. Virusinfectie gaat zowel bij planten als dieren vaak gepaard met ziekten. Virusinfecties kunnen niet worden bestreden met antibiotica, in sommige gevallen wel met interferon. Het aangetaste organisme moet zelf voldoende afweer opbouwen.