Alexander de Grote

(356-323 v.Chr.) Koning van Macedonië, zoon van Philippus II van Macedonië (die de Balkan en de Griekse steden had onderworpen), en leerling van Aristoteles. Door overwinningen op de Perzen en verbreiding van de Griekse cultuur tot in het Indusgebied (nu India en Pakistan), vestigde hij een Grieks-oosters wereldrijk, dat na zijn dood in stukken uiteenviel.
Zie ook hellenisme.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wat was in vroegere tijden een symbool van gastvrijheid?


JUIST!NIET JUIST!

ananas

hoofsheid

Aan de hoven ontstane ridderlijke gedragscode waarbij zelfbeheersing en dienstbaarheid aan vrouw, heer en kerk de hoofdrol speelden. Hoofse liefde was de ridderlijke bewondering voor een voor hem onbereikbare vrouw. Aan haar droeg hij bijvoorbeeld zijn overwinningen op.