goed en fout

Goed en fout waren onder de Duitse bezetting gangbare begrippen om anti-Duits en pro-Duits, betrouwbaar en onbetrouwbaar, flink en laf van elkaar te onderscheiden. De begrippen zijn niet gelijkwaardig, maar goed en fout werden er wel op toegepast. Ertussenin stond 'slap', gebruikt voor wie eigenlijk goed was, maar op de rand van fout handelde. Door de noodzaak in bepaalde omstandigheden één lijn te trekken, werd slap algauw tot 'fout'.
Zie ook Kultuurkamer.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Uitdrukkingen zoals 'met angst en beven' en 'nooit ofte nimmer' zijn voorbeelden van... ?


JUIST!NIET JUIST!

tautologie

migratie

Trek van mensen vanuit een land naar een ander land. In sommige gevallen is migratie door het ontvangende land bevorderd omdat behoefte aan meer arbeidskrachten in bepaalde sectoren bestond. In andere gevallen wordt migratie ontmoedigd, bijvoorbeeld wegens reeds bestaande bevolkingsdichtheid.
Zie ook
asiel en bootvluchteling.