goed en fout

Goed en fout waren onder de Duitse bezetting gangbare begrippen om anti-Duits en pro-Duits, betrouwbaar en onbetrouwbaar, flink en laf van elkaar te onderscheiden. De begrippen zijn niet gelijkwaardig, maar goed en fout werden er wel op toegepast. Ertussenin stond ‘slap', gebruikt voor wie eigenlijk goed was, maar op de rand van fout handelde. Door de noodzaak in bepaalde omstandigheden één lijn te trekken, werd slap algauw tot ‘fout'.
Zie ook Kultuurkamer.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke kunstenaar behoorde niet tot de Cobragroep?


JUIST!NIET JUIST!

Kees van Dongen

zelfbeschikking

De daad waarbij een volk zijn staatsvorm en bestuur kiest. Een belangrijk onderdeel hiervan is het recht op afscheiding. Het moet worden onderscheiden van autonomie, wat slechts zelfbestuur over de eigen, interne aangelegenheden inhoudt. Het volkenrecht is onduidelijk over de vraag wanneer het zelfbeschikkingsrecht geldt.