CPN

Communistische Partij Nederland. Nederlandse afdeling van de Derde Internationale, die vanuit de Sovjet-Unie werd geleid. Radicalen in de SDAP, die tégen reformisme en vóór revolutie waren, richtten in 1907 een eigen blad, De Tribune, op, scheidden zich in 1909 af en stichtten in 1918 de CPH (Communistische partij Holland), die in 1935 werd omgedoopt tot CPN.
Tijdens de bezetting speelde de CPN, na aanvankelijke aarzeling, een vooraanstaande rol in het verzet. Haar illegale blad heette De Waarheid (legaal dagblad 1945-1990). In 1946 boekte de CPN een eenmalig verkiezingssucces: tien zetels in de Tweede Kamer van toen nog 75 zetels.
De bekendste politieke leiders van de CPN waren David Wijnkoop in de jaren dertig en Paul de Groot na 1945. Verscheidene vooraanstaande intellectuelen zijn kortere of langere tijd lid geweest van de CPH/CPN: onder andere Frans Goedhart, Jacques de Kadt , A.J. Koejemans, Henriëtte Roland Holst, Jan Romein, Henk Sneevliet en Theun de Vries.
Bij de Kamerverkiezingen van 1989 trad de CPN niet meer zelfstandig op, maar als onderdeel van de formatie Groen Links. In juli 1991 besloot de CPN zichzelf op te heffen en op te gaan in de partij Groen Links.
Zie ook communisme en Russische Revolutie.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie schreef in 1654 het treurspel Lucifer?


JUIST!NIET JUIST!

Vondel

Geografie en demografie > bewerking en bebouwing

Vinex-wijk

Vinex-wijk is een afkorting van de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra, een nota ruimtelijke ordening over grootschalige nieuwbouwprojecten van het Nederlandse ministerie van VROM uit 1991. De bedoeling was wijken te bouwen, weliswaar in de buurt van steden, maar met een eigen combinatie van wonen, werken, winkels enzovoort. Geleidelijk heeft Vinex-wijk een andere betekenis gekregen dan wat er oorspronkelijk in de nota stond. Tegenwoordig wordt het geassocieerd met een nieuwbouwwijk aan de rand van een grote(re) stad en veelal met de bijbetekenis van een saaie woonwijk waarin alle straten en huizen op elkaar lijken en men voor werk en voorzieningen naar de stad trekt.