Koninklijk Instituut van Wetenschappen

Tijdens zijn koningschap van Holland (1806-1810) richtte Lodewijk Napoleon in 1808 het Koninklijk Instituut van Wetenschappen, Letterkunde en Schoone Kunsten op. Hoofddoel was "het volmaken der Wetenschappen en Kunsten, om dezelver vorderingen in het Rijk bij Buitenlanders bekend te doen worden en uitvindingen of vorderingen elders gemaakt hier te lande in te voeren." In de praktijk diende het Instituut de overheid gevraagd en ongevraagd van advies. Ook voerde het overheidsbesluiten uit. Het Instituut werd gevestigd in het voormalig patriciërshuis van de familie Trip aan de Kloveniersburgwal te Amsterdam. Na de Franse overheersing bleef het Koninklijk Instituut bestaan. Koning Willem I bevestigde in 1816 het voortbestaan door een Koninklijk Besluit. Men sprak sindsdien van het Koninklijk-Nederlandsch Instituut van Wetenschappen, Letteren en Schoone Kunsten. De historicus, taalkundige en dichter Willem BIlderdijk werd de eerste voorzitter. In de periode 1817 tot 1885 was ook het Rijksmuseum in het Trippenhuis ondergebracht.
Dit instituut wordt gezien als de voorloper van de huidige Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, KNAW, nog steeds in hetzelfde gebouw gehuisvest.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie schreef in 1654 het treurspel Lucifer?


JUIST!NIET JUIST!

Vondel

Renaissance

Europese cultuurperiode van ongeveer 1450 tot ongeveer 1600 die zich onderscheidde van de Middeleeuwen door een meer op de mens en wereld gerichte levenshouding en een onbegrensd vertrouwen in het menselijke kunnen ('virtù'). Ook tijdgenoten waren zich ervan bewust dat hun tijd verschilde van de door hen als barbaars bestempelde Middeleeuwen. Zij lieten zich inspireren door de klassieke cultuur, die zij mateloos bewonderden. De Renaissance begon in Italië en zou omstreeks 1500 in de rest van Europa doordringen.
Zie ook Renaissance en humanisme.