Koninklijk Instituut van Wetenschappen

Tijdens zijn koningschap van Holland (1806-1810) richtte Lodewijk Napoleon in 1808 het Koninklijk Instituut van Wetenschappen, Letterkunde en Schoone Kunsten op. Hoofddoel was “het volmaken der Wetenschappen en Kunsten, om dezelver vorderingen in het Rijk bij Buitenlanders bekend te doen worden en uitvindingen of vorderingen elders gemaakt hier te lande in te voeren.” In de praktijk diende het Instituut de overheid gevraagd en ongevraagd van advies. Ook voerde het overheidsbesluiten uit. Het Instituut werd gevestigd in het voormalig patriciërshuis van de familie Trip aan de Kloveniersburgwal te Amsterdam. Na de Franse overheersing bleef het Koninklijk Instituut bestaan. Koning Willem I bevestigde in 1816 het voortbestaan door een Koninklijk Besluit. Men sprak sindsdien van het Koninklijk-Nederlandsch Instituut van Wetenschappen, Letteren en Schoone Kunsten. De historicus, taalkundige en dichter Willem BIlderdijk werd de eerste voorzitter. In de periode 1817 tot 1885 was ook het Rijksmuseum in het Trippenhuis ondergebracht.
Dit instituut wordt gezien als de voorloper van de huidige Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, KNAW, nog steeds in hetzelfde gebouw gehuisvest.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie is de Griekse god van de zee?


JUIST!NIET JUIST!

Poseidon

Augustus

Augustus (latijn: verhevene) is een eretitel die door de senaat van Rome aan Gaius Octavianus werd verleend in 27 voor Christus. Octavianus had in de burgeroorlog na de dood van zijn adoptievader Caesar zijn rivaal Marcus Antonius overwonnen. Het bewind van Augustus bracht vrede in het Romeinse Rijk (de Pax Augusta) en was een bloeitijd voor kunst en literatuur.
Zie ook Horatius, Livius en Vergilius.