kolonialisme

In het algemeen de neiging van staten om gebieden te bezetten uit economische en/of strategische overwegingen. In het bijzonder de economische kolonisatie die buiten Europa sinds de grote ontdekkingsreizen werd toegepast door Europese landen. Portugal en Spanje als eersten, iets later ook Engelsen en Hollanders. De handel zelf werd meestal overgelaten aan (semi-)particuliere compagnieën op zogeheten handelsposten. Sinds de achttiende eeuw groeide de gedachte dat koloniën ook een actief bestuur behoefden en dat de westerse beschaving moest worden overgedragen. Men spreekt dan van modern imperialisme. Het vaak gewelddadige losmakingsproces van het 'moederland' heet dekolonisatie en heeft zich vooral na 1945 sterk doorgezet.
Zie ook
Verenigde Oost-Indische Compagnie

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

In welke periode van de prehistorie leefde men in Nederland toen de Romeinen kwamen?


JUIST!NIET JUIST!

ijzertijd

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.