Willem van Ockham

(1285-1347) Engelse filosoof, lid van de orde der franciscanen. Kreeg het in 1324 aan de stok met de paus, toen deze hem vanwege 'verdachte' leerstellingen aanklaagde, en sleet de rest van zijn leven in ballingschap, onder protectie van de Beierse koning ('Verdedig jij me met het zwaard, dan zal ik je met de pen verdedigen').
Belangrijkste en scherpzinnigste verdediger - hij werd wel doctor invincibilis, onoverwinnelijke meester genoemd - van het nominalisme. Volgens hem is de juiste weg van de wetenschap niet het vertrekken vanuit algemene abstracte begrippen om uiteindelijk door logische redenering bij het concrete individuele uit te komen (de deductieve methode), maar precies omgekeerd, namelijk beginnen bij de afzonderlijke dingen, zoals ze zich in de ervaring tonen, om van daaruit op basis van combinatie algemene begrippen te vormen.
Beroemd is zijn zuinigheidsbeginsel (het scheermes van Ockham) volgens welk men in de wetenschap het aantal gebruikte termen, wetten en principes zo klein mogelijk moet houden en als het ware met een scheermes alle quasi-wetenschappelijke ballast moet wegsnijden.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Met welke Romeinse heerser had Cleopatra een relatie?


JUIST!NIET JUIST!

Caesar

massapsychologie

De tak van wetenschap die zich richt op de gedragingen van groepen van mensen. De veronderstelling is dat onder bepaalde omstandigheden de persoonlijkheid van individuele mensen in een groep plaats maakt voor een collectieve persoonlijkheid, een 'collectieve ziel', die een eigen dynamiek ontwikkelt en de leden van de groep handelingen laat verrichten die volstrekt niet stroken met hun persoonlijke karakter of moreel besef.