Mike Nichols

Mike Nichols (1931-2014) in Berlijn geboren als Michael Igor Peschkowsky, emigreerde voor de Tweede Wereldoorlog met zijn ouders uit Nazi-Duitsland naar de Verenigde Staten. Hij begon zijn carrière als acteur, maar stapte al snel over naar het vak van regisseur. Met succes. Nichols is vooral bekend van de films Who\'s afraid of Virginia Woolf (1966) en The Graduate (1967). Zijn eerste speelfilm Who’s Afraid of Virginia Woolf, naar het toneelstuk van Edward Albee, is legendarisch, ook al door het lumineuze idee om de hoofdrollen aan het oer-echtpaar Elizabeth Taylor en Richard Burton te geven. The Graduate met Anne Bancroft en Dustin Hoffman in de hoofdrollen, gebaseerd op een boek van Charles Webb, is niet minder bekend. In de film is het nummer Mrs. Robinson van Simon and Garfunkel te horen, dat door de film een grote hit werd. Nichols bezorgde zeer veel acteurs een Oscar-nominatie. Hij behoort met o.a. Barbra Streisand, Audrey Hepburn en tien anderen tot het selecte gezelschap dat vier verschillende grote prijzen won: Emmy (televisie), Grammy (muziek), Oscar (film) en Tony (theater). En ook tot een ander bijzondere groep van negen regisseurs die voor één film alle grote regieprijzen won: Golden Globe, Director\'s Guild, BAFTA en Oscar. Dat was voor The Graduate. Even pijnlijk-ontluisterend als prachtig is Closer (2004).

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Van welke filosoof is de grondstelling Cogito ergo sum (ik denk dus ik ben)?


JUIST!NIET JUIST!

Descartes

brandstofcel

Apparaat dat uit brandstof (bijvoorbeeld waterstof) rechtstreeks elektriciteit produceert. Dit proces is te beschouwen als het omgekeerde van elektrolyse, waarbij water wordt ontleed in waterstof en zuurstof. De geproduceerde elektriciteit kan dan bijvoorbeeld worden gebruikt om een elektrische auto aan te drijven. Het grote voordeel van een brandstofcel is dat het rendement ervan (40-60%) aanzienlijk hoger ligt dan dat van de traditionele verbrandingsmotor, die een rendement van maximaal 25% (benzinemotor) tot 30% (dieselmotor) haalt. Een brandstofcel vraagt wel katalysatoren, bijvoorbeeld platina, waardoor ontwikkeling en grootschalige inzet vooralsnog moeizaam verlopen.