A bout de souffle (1960)

A bout de souffle is een Franse film uit 1960 geregisseerd door Jean-Luc Godard, die tijdens de opnamen het scenario schreef. Het verhaal is op zichzelf vrij klassiek. Jean-Paul Belmondo speelt een autodief die een politieagent doodt en op de vlucht slaat. Hij duikt onder bij een jonge Amerikaanse journaliste die bij de New York Herald Tribune werkt (Jean Seberg). Hij probeert haar over te halen mee naar Italië te gaan zodra hij het geld heeft, maar zij besluit hem aan te geven. Het plot van A bout de souffle is losjes gebaseerd op een fait divers uit die tijd. Godard won hiervoor de Zilveren Beer op het Filmfestival van Berlijn. Hoofdrolspeelster Jean Seberg werd genomineerd voor een BAFTA Award.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welk irrationeel getal duidt de verhouding aan tussen de omtrek en de middellijn van een cirkel?


JUIST!NIET JUIST!

pi

Tradities > Nederlandse tradities

Sinterklaas

Bisschop van Myra die in de derde eeuw na Christus in Turkije leefde en bekend stond als kindervriend. Daarom krijgen kinderen op zijn verjaardag cadeautjes. Waarom hij sinds enkele eeuwen uit Spanje komt is niet duidelijk. Evenmin, waarom hij vanaf het midden van de negentiende eeuw een zwarte knecht, Zwarte Piet, heeft en op een schimmel rijdt, zonder problemen over de daken. Lange tijd was het de gewoonte dat kinderen op 5 december hun schoen bij de haard zetten, met iets lekkers voor het paard en een liedje zongen. Op de ochtend van Sints verjaardag (eigenlijk zijn naamdag) lagen er dan wat lekkers en een stuk speelgoed in de schoen, die door Zwarte Piet vanaf het dak door de schoorsteen waren gegooid. Ten minste als ze braaf waren geweest, anders kregen ze een roe, een handbezempje waarmee een pak slaag kon worden gegeven. Sinds enige tijd is er een maatschappelijke discussie of Zwarte Piet al dan niet rascistisch is bedoeld: zwarte knecht van witte baas. Sommigen geven daarom de voorkeur aan een Piet die in een vrolijke kleur is geschminkt of een die voorzien is van roetvegen.