aanbodeconomie

Economische politiek die in de jaren '80 populair werd en die vooral het stimuleren van de productiezijde (aanbodzijde) van de economie benadrukte. Dit in tegenstelling tot de keynesianen, die vooral de bestedingen (vraagzijde) wilden stimuleren. Volgens de aanbodeconomen zouden belastingverlagingen en deregulering de productie en de werkgelegenheid verhogen en het sparen en investeren stimuleren.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste keizer van het Romeinse Rijk?


JUIST!NIET JUIST!

Augustus

bureaucratie

Een organisatiestructuur die gekenmerkt wordt door aan regels gebonden procedures, verantwoordelijkheden, hiërarchie en onpersoonlijke relaties. Het is de bij een rechtsstaat behorende ambtelijke organisatie. De 'onpersoonlijke relatie' moet het bevoordelen van familie en vrienden (nepotisme) door ambtenaren voorkomen. In het dagelijks verkeer wordt dit begrip vaak gebruikt als aanduiding van extreem formalisme en administratieve lasten. Het zou beter zijn daarvoor de term bureaucratisme te gebruiken. De bureaucratie wordt wel aangeduid als vierde macht, na de trias politica.