de Nieuwe Figuratie
Hoewel deze term als verzamelnaam in 1964 voor een veel grotere groep kunstenaars was gebruikt, bleef zij vanaf midden jaren ’60 verbonden met het spel met beeldtradities, in die tijd, in het werk van Reinier Lucassen
, Alphons Freijmuth
en Pieter Holstein
. Bij de laatste ging het om vervreemdende beelden en situaties uit de realiteit, op de wijze van kinderboekillustraties gebracht. De andere twee hadden gemeenschappelijk dat zij in hun werk een ironisch spel speelden met beeld- en stijlcitaten, en cliché’s uit de moderne schilderkunst, waarmee zij een bepaald aspect van de pop-art op schilderkunstige wijze uit leken te werken. De Amerkaanse pop-kunstenaars Roy Lichtenstein
en Tom Wesselman waren hen hierin voorgegaan. Hun bewondering ging echter vooral uit naar De Engelse pop-kunstenaar David Hockney
. Lucassen
was op het spoor gebracht van het spel met beeldtradities door de Vlaamse kunstenaar Roger Raveel
, die in zijn werk expressionistische
figuratie combineert met geometrisch abstracte vormen, en positieve en negatieve beelden. Een samenwerkingsverband van Raveel, en enkele andere verwante Vlaamse kunstenaars, met Lucassen
werd in België ‘De Nieuwe Visie’ genoemd. Zowel in België als in Nederland zijn verschillende kunstenaars in hun werk verwant te noemen aan ‘De Nieuwe Visie’ en/ of ‘De Nieuwe Figuratie’.
Zie ook citationisme
, pop-art
en Charlotte Mutsaers
,








